In 1992 debuteerde voormalig verdediger Jaap Stam namens PEC Zwolle in het betaald voetbal. De Rots van Kampen vertrok al na een jaar naar Cambuur om vervolgens in 1995 te verkassen naar Willem II.
Na een half seizoen in Tilburg wist
PSV de verdediger over te nemen van de provinciegenoot. Bij PSV groeide Stam onder Dick Advocaat uit tot een vaste waarde in de ploeg en in 1996 won de verdediger met PSV de KNVB Beker.
Een jaar later pakte PSV met Stam als vaste basiskracht de veertiende landstitel in de clubgeschiedenis en de eerste sinds 1992. Tevens debuteerde Stam in zijn PSV-periode bij het Nederlands elftal onder toenmalig bondscoach Guus Hiddink.
In totaal speelde Stam 67 interlands voor Nederland onder vier verschillende bondscoaches. De Rots van Kampen was actief op het EK 1996, WK 1998, EK 2000 en EK 2004.
Na het WK 1998, waarin Oranje strandde in de halve finale tegen Brazilië, nam Stam afscheid van PSV en zocht de verdediger zijn heil op bij Manchester United in Engeland. Met The Red Devils beleefde Stam in zijn eerste jaar direct het meest succesvolle seizoen uit de geschiedenis van The Mancunians.
Onder leiding van Sir Alex Ferguson wist Manchester United als eerste Engelse club beslag te leggen op de befaamde treble en met name de winst in de finale van de Champions League was historisch. In blessuretijd werd een 0-1 achterstand tegen FC Bayern München omgezet in een 2-1 overwinning dankzij doelpunten van Teddy Sheringham en Ole Gunnar Solskjær.
In drie seizoenen Manchester United won Stam drie landstitels en na een conflict met coach Ferguson vertrok de verdediger in 2001 naar Lazio Roma. Na drie jaar in het blauwe gedeelte van Rome vertrok Stam in 2004 naar AC Milan om vervolgens in de zomer van 2006 terug te keren naar Nederland om bij Ajax te voetballen.
Tijdens het seizoen 2007/2008 maakte Stam in oktober 2007 te stoppen met voetballen. In juli 2008 kreeg de verdediger zijn afscheidswedstrijd in het stadion van PEC Zwolle, waar hij zoals eerder gezegd zijn carrière begon.